De leeftijdsopbouw van de eigen veestapel. Wat leert die ons?

De leeftijdsopbouw van de veestapel geeft een bedrijfsspecifiek beeld dat afwijkt van het gemiddelde. Elk bedrijf heeft zijn eigen omstandigheden, de eigen reden van afvoer en dus ook een eigen opbouw van de veestapel. Dit profiel van de veestapel is eenvoudig in beeld te brengen door op vier verschillende data over een jaar verdeeld, het aantal koeien per lactatienummer in een eenvoudige tabel of grafiek te zetten (zie figuur). De gegevens zijn te vinden in de MPR. Al snel krijg je een indicatie waar de meeste koeien uitvallen. Het wordt dan eenvoudiger de oorzaak op te sporen.




Leeftijdsopbouw van een veestapel op een praktijkbedrijf op vier
verschillende data uit de MPR. Duidelijk is dat de uitval onder de
vaarzen en de 3e kalfskoeien hoog is. Daar moeten het probleem en de
oplossing gevonden worden.
 

De leeftijdsopbouw bij levensduurverlenging
Levensduurverlenging vraagt een gestructureerde aanpak, zonder willekeur. En dat zie je terug in de leeftijdsopbouw. Opvallend is dat bedrijven die werken aan een langere levensduur de uitval onder de vaarzen sterk weten te verminderen. Dat komt door een betere opfok, een goede voorbereiding op het afkalven van de vaarzen en zorgen dat ze, eenmaal in het koppel, voldoende aan hun trekken komen.

De MPR-cijfers als terugkoppeling
Wil je de economische voordelen van levensduurverlenging benutten, dan is het handig om de resultaten te kunnen meten en prognoses te kunnen maken. Door de leeftijd van de aanwezige koeien in de MPR te verminderen met de gemiddelde afkalfleeftijd van de vaarzen krijg je de productieve leeftijd van de aanwezige koeien. Door daar nu het aantal maanden verschil uit de tabel bij op te tellen krijg je de gemiddelde afvoerleeftijd. Door de gedwongen afvoer wijkt dat in de praktijk af van het theoretisch verschil uit de tabel. De achtergrond daarvan is dat bij een korte levensduur de uitval vóór de 4e lactatie erg hoog is. Bij een langere levensduur is dat veel minder. In de tabel is als vuistregel het verschil aangegeven zoals we dat in de praktijk vaak zien. Het blijft een inschatting maar wel voldoende om een aantal keer per jaar uit de MPR af te leiden of je op koers ligt. 

 
Op basis van de actuele leeftijd kan een inschatting gemaakt
worden
van de afvoerleeftijd. Die is gebaseerd op de gemiddelde
Holstein-populatie. 
Afhankelijk van de bedrijfsomstandig-
heden kan die daar vanaf wijken.